GEO
Wat is GEO? Zo word je genoemd in ChatGPT, Gemini en AI Overviews
GEO (Generative Engine Optimization) is zorgen dat AI-zoekmachines als ChatGPT, Gemini, Perplexity en Google AI Overviews jouw merk of website noemen als ze een vraag van je klant beantwoorden. Waar SEO draait om een positie in een lijst met tien blauwe links, draait GEO om één ding: word je genoemd als bron, of je concurrent? Het goede nieuws is dat GEO voor het grootste deel bestaat uit SEO die je toch al zou moeten doen, plus een paar dingen die specifiek voor AI zijn.
Dit artikel legt uit wat GEO precies is, waar het verschilt van SEO, wat er écht werkt en hoe je meet of je ergens genoemd wordt. Geen hype en geen nieuwe afkortingen, wel wat ik in de praktijk zie als ik voor klanten aan AI-zichtbaarheid werk.
In het kort:
- GEO is optimaliseren om genoemd te worden in AI-antwoorden, SEO is optimaliseren om gevonden te worden in zoekresultaten. Het een bouwt op het ander.
- AI-zoekmachines halen hun bronnen grotendeels uit dezelfde index als Google en Bing. Sta je daar niet goed, dan sta je in AI ook nergens.
- Wat werkt: AI-crawlers toelaten, pagina’s die een vraag direct en feitelijk beantwoorden, een duidelijke entiteit (wie ben je, wat doe je, waar) en vermeldingen buiten je eigen site.
- Meten doe je met een vaste vragenlijst per AI-tool, je serverlogs of een bot-tracker, en verwijzingsverkeer in GA4.
Wat is GEO precies?
GEO staat voor Generative Engine Optimization. “Generative engine” is de verzamelnaam voor zoeksystemen die zelf een antwoord schrijven in plaats van een lijst links te tonen: ChatGPT (met zoeken), Google AI Overviews en AI Mode, Gemini, Perplexity, Microsoft Copilot en Claude. Die systemen lezen een aantal bronnen, vatten ze samen en noemen, als je geluk hebt, waar het antwoord vandaan komt.
GEO is alles wat je doet om in die bronnen terecht te komen en om correct genoemd te worden. Dat is een andere opdracht dan SEO. Bij SEO concurreer je om een plek op pagina één. Bij GEO concurreer je om een plek in een antwoord dat vaak maar drie tot vijf bronnen noemt. Je staat er wel of niet in. Een positie 7 bestaat niet.
Ik zie GEO niet als iets nieuws naast SEO, maar als de volgende laag erbovenop. Wie de basis van SEO niet op orde heeft, hoeft aan GEO nog niet te beginnen.
Hoe AI-zoekmachines aan hun antwoorden komen
Om te begrijpen wat werkt, moet je weten hoe zo’n antwoord tot stand komt. Er zijn twee bronnen die door elkaar lopen:
- Wat het model al weet. Een taalmodel is getraind op een enorme hoeveelheid tekst van het open web. Alles wat daarin over jouw merk staat (of niet staat), zit in het “geheugen” van het model. Dat geheugen is maanden tot jaren oud en kun je niet direct aanpassen.
- Wat het model live opzoekt. Bij de meeste vragen doet het systeem een zoekopdracht in een gewone zoekindex (ChatGPT en Copilot gebruiken Bing, Gemini en AI Overviews gebruiken Google, Perplexity heeft een eigen index die sterk op de bekende lijkt), leest de beste resultaten en bouwt daar het antwoord van. Dit noemen ze retrieval, en hier zit je invloed.
Dat tweede punt verklaart waarom GEO zo sterk op SEO leunt. Als een AI-systeem een vraag krijgt over “SEO-specialist in Amersfoort”, zoekt het die term op, leest de pagina’s die daar goed op scoren en citeert daaruit. Sta je in Bing en Google op positie 30, dan leest het systeem je niet eens.
Er is één verschil dat je wel moet kennen: een AI-systeem splitst een vraag vaak op in meerdere deelvragen (dat heet query fan-out) en zoekt die apart op. Bij “welke SEO-specialist past bij een webshop” zoekt het bijvoorbeeld ook naar “Shopify SEO”, “SEO-specialist ervaring webshops” en “SEO-specialist reviews”. Je hoeft dus niet op de hoofdvraag te ranken; je moet aanwezig zijn op de deelvragen die het systeem stelt.
Wat is het verschil tussen GEO en SEO?
| SEO | GEO | |
|---|---|---|
| Doel | Positie in de zoekresultaten | Genoemd worden in een AI-antwoord |
| Resultaat | Een klik naar je site | Een vermelding, soms met link, vaak zonder |
| Eenheid | Pagina | Merk, persoon of pagina (entiteit) |
| Concurrentie | Tien plekken op pagina één | Drie tot vijf bronnen per antwoord |
| Wat telt het zwaarst | Relevantie, autoriteit, techniek | Duidelijkheid, feitelijkheid, consistentie over bronnen |
| Meten | Posities, klikken, vertoningen | Vermeldingen per vraag, bot-bezoek, verwijzingsverkeer |
De belangrijkste verschuiving zit in de laatste kolom: bij GEO gaat het om je merk als geheel. Een AI-systeem bouwt een beeld van wie je bent uit alles wat het over je vindt, op je eigen site én daarbuiten. Zeggen drie bronnen iets anders over wat je doet of waar je zit, dan is het systeem onzeker en noemt het liever iemand anders.
Wat werkt echt voor GEO
Over GEO wordt veel geschreven dat niet te controleren is. Dit zijn de dingen waarvan ik zeker weet dat ze invloed hebben, omdat je ze kunt meten.
1. Laat AI-crawlers toe
Dit is een van de eerste dingen die ik nakijk, en het gaat vaker mis dan je zou denken. Veel websites blokkeren GPTBot, ClaudeBot, PerplexityBot of Google-Extended in hun robots.txt of via een firewallregel, soms zonder dat de eigenaar het weet, omdat een plugin of hostingpartij dat standaard aanzet. Een geblokkeerde crawler kan je pagina’s niet lezen, dus die komen nooit in een antwoord terecht.
Welke bots je site bezoeken en welke je tegenhoudt, zie je in je serverlogs. Omdat dat voor de meeste ondernemers geen doen is, heb ik daar BotSights voor gebouwd: dat laat per AI-bot zien of en hoe vaak hij langskomt. Met mijn gratis SEO- en AI-check test je in één keer of de bekendste AI-crawlers je pagina kunnen ophalen.
2. Beantwoord de vraag, meteen en feitelijk
AI-systemen citeren het liefst een passage die een vraag in één alinea beantwoordt, met een concreet feit erin. Een pagina die drie alinea’s lang inleidt voordat het antwoord komt, wordt overgeslagen. Daarom schrijf ik elk artikel met de conclusie bovenaan, een korte samenvatting, duidelijke tussenkoppen in vraagvorm en, waar het kan, een tabel of een lijst. Niet omdat het mooi is, maar omdat dat de vorm is die een model het makkelijkst overneemt.
Een praktische test: lees alleen de eerste alinea onder elke kop. Als die op zichzelf een bruikbaar antwoord is, zit je goed.
3. Maak duidelijk wie je bent (en zeg het overal hetzelfde)
Een AI-systeem wil weten welke entiteit achter een pagina zit: welk bedrijf, welke persoon, wat doe je, waar, voor wie. Dat regel je met een goede over-mij-pagina, structured data (Organization, Person, Service, LocalBusiness) en een consistente naam, adres en omschrijving op elke plek waar je staat: je eigen site, je Google Bedrijfsprofiel, LinkedIn, branchesites, reviewplatforms.
Hier ligt een link met lokale SEO: dezelfde consistentie die Google nodig heeft om je in de kaart te tonen, heeft een taalmodel nodig om je te durven noemen.
4. Zorg dat anderen je noemen
Omdat een model zijn beeld van jou uit meerdere bronnen bouwt, weegt wat anderen over je schrijven zwaar. Vermeldingen in lijstjes (“beste SEO-specialisten”), vergelijkingen, interviews, podcasts, gastartikelen, reviews en branchesites helpen allemaal. Dit lijkt op linkbuilding, met één verschil: de link is niet het doel, de vermelding is het doel. Een vermelding zonder link telt voor GEO gewoon mee.
5. Houd je SEO op orde
Alles hierboven werkt alleen als je pagina’s in de index van Google en Bing staan en daar redelijk scoren. Techniek (snelheid, indexatie, geen blokkades, precies wat ik bij technische SEO nakijk), interne links en topical authority zijn voor GEO net zo belangrijk als voor SEO. Vergeet Bing niet: ChatGPT en Copilot zoeken daar, en veel sites hebben nooit naar hun positie in Bing gekeken.
Wat niet (of nauwelijks) werkt
- Een “llms.txt”-bestand plaatsen en verder niets. Het kan geen kwaad, maar er is geen bewijs dat grote AI-systemen het gebruiken. Ik heb er een op mijn site staan; ik verwacht er niets van.
- Teksten volproppen met “volgens experts” en statistieken. Een vroeg onderzoek naar GEO suggereerde dat citaten en cijfers de kans op vermelding verhogen. In de praktijk werkt dat alleen als die cijfers kloppen en een bron hebben. Verzonnen autoriteit wordt steeds beter herkend.
- Een aparte “AI-versie” van je content maken. AI-systemen lezen dezelfde pagina als je bezoekers. Eén goede pagina is beter dan twee halve.
- Wachten tot het overwaait. Het aandeel zoekopdrachten dat in een AI-antwoord eindigt, groeit. Wie nu bronnen verzamelt en genoemd wordt, zit in het geheugen van de volgende modelversie.
Hoe meet je of AI je noemt?
Zonder meting is GEO een gevoel. Dit is hoe ik het inricht:
- Vragenlijst. Stel 20 tot 50 vragen op die je klanten aan een AI zouden stellen, van breed (“wat is een SEO-specialist”) tot concreet (“welke SEO-specialist in Amersfoort helpt webshops”). Stel ze maandelijks aan ChatGPT, Gemini, Perplexity en AI Overviews en noteer: genoemd ja/nee, welke bron, wat zegt het antwoord over je. Dit is handwerk of een script; het hoeft niet duur te zijn.
- Bot-bezoek. Welke AI-crawlers komen langs, hoe vaak, en welke pagina’s halen ze op? Dat vertelt je of je gelezen wordt, nog voordat je genoemd wordt. Je serverlogs laten het zien, of een tool zoals BotSights.
- Verwijzingsverkeer. In GA4 zie je bezoekers die via chatgpt.com, perplexity.ai of gemini.google.com binnenkomen. Klein, maar groeiend, en vaak bezoekers die al weten wat ze willen.
- Search Console. Google telt klikken en vertoningen uit AI Overviews en AI Mode gewoon mee bij je webresultaten. Een stijging in vertoningen zonder stijging in klikken kan betekenen dat je in AI Overviews staat.
Op mijn GEO-dienstpagina lees je hoe ik dit voor klanten aanpak, van nulmeting tot maandelijkse rapportage.
Waar begin je?
Doe eerst de check: kunnen AI-crawlers je site lezen? Daarna de inhoud: beantwoordt elke belangrijke pagina in de eerste alinea de vraag waar hij voor bedoeld is? Dan de entiteit: staat overal dezelfde naam, hetzelfde adres en dezelfde omschrijving? En pas daarna vermeldingen elders.
Wie dat in deze volgorde doet, is verder dan de meeste concurrenten. Wil je dat ik het voor je nakijk en aanpak? Dat is waar mijn GEO-traject mee begint. GEO is geen trucje; het is SEO doen zoals het altijd al had gemoeten, met één extra vraag bij alles wat je schrijft: zou een AI dit durven citeren?
Veelgestelde vragen
Wat betekent GEO in marketing?
GEO staat voor Generative Engine Optimization: je website en je merk zo inrichten dat AI-systemen als ChatGPT, Gemini, Perplexity en Google AI Overviews je noemen of citeren in hun antwoorden. Het is de AI-variant van SEO, maar dan gericht op genoemd worden in plaats van op een positie in een lijst.
Is GEO hetzelfde als SEO?
Nee, maar het bouwt erop voort. SEO zorgt dat je gevonden wordt in de zoekresultaten van Google. GEO zorgt dat AI-modellen je kennen en als bron gebruiken. Zonder goede SEO werkt GEO niet, omdat AI-zoekmachines grotendeels dezelfde pagina's ophalen die Google en Bing al kennen.
Hoe word ik genoemd in ChatGPT?
Door drie dingen tegelijk te doen: AI-crawlers toelaten op je site, pagina's schrijven die een vraag direct en feitelijk beantwoorden, en zorgen dat je merk ook buiten je eigen site genoemd wordt, bijvoorbeeld in vergelijkingen, reviews, branchesites en Wikipedia-achtige bronnen. ChatGPT haalt zijn antwoorden uit een mix van wat het model al weet en wat het live opzoekt via Bing.
Kan ik meten of AI-zoekmachines mij noemen?
Ja. Je stelt een vaste set vragen op die je klanten zouden stellen en checkt per AI-tool of je genoemd wordt, met welke bron en in welke context. Daarnaast zie je in je serverlogs of in een tool als BotSights welke AI-bots je site bezoeken, en in GA4 hoeveel bezoekers via ChatGPT en Perplexity binnenkomen.
Werkt GEO ook voor een klein bedrijf?
Juist. AI-antwoorden noemen vaak maar drie tot vijf bronnen, en die hoeven niet de grootste te zijn. Een kleine site met heldere, feitelijke pagina's over een specifiek onderwerp wordt eerder geciteerd dan een grote site met vage teksten.
Moet ik AI-crawlers toelaten of blokkeren?
Wil je genoemd worden, dan laat je ze toe. Blokkeer je GPTBot, ClaudeBot of PerplexityBot in je robots.txt of via een firewall, dan kunnen die systemen je pagina's niet lezen en noemen ze je concurrent. Blokkeren is alleen logisch als je content een verdienmodel op zich is.